Logo Paardenartsnl

Paardenarts.nl

Gebitsproblemen bij de geriatrische patiënt

Geriatrisch paard header

Een geriatrisch paard is een ouder paard, vanaf 18 tot 20 jaar. Het paard kan ouderdomskwalen hebben. In dit artikel bespreken we de diverse gebitsproblemen van de geriatrische patiënt. Bij een volwassen paard hebben bijna alle tanden en kiezen een lange kroon en een relatief korte wortel. Het grootste deel van de kroon zit in de tandkas, dit noemen we de reservekroon. Gedurende een jaar schuift de reservekroon 2-3 mm de mond in en wordt dan de ‘ware kroon’ genoemd. Wanneer het laatste deel reservekroon of het wortelgedeelte in de mond zichtbaar is, wordt er gesproken van een geriatrisch gebit: de kiezen zijn (bijna) ‘op’. 

In dit artikel lees je meer over gebitsproblemen bij oudere paarden:

onderkaak jong paard nog geen duidelijke kieswortels aanwezigonderkaak ouder paard, lange wortelpunten zichtbaar

Toelichting foto’s onderkaak van een paard:
Bij het jonge paard (foto links) zien we hoe lang de kroon van de kies is die in de tandkas zit. Hier zijn nog geen duidelijke kieswortels aanwezig. Bij het oudere paard (foto rechts) zijn de kiezen veel verder opgeschoven in de tandkas en zijn de lange wortelpunten zichtbaar.

Symptomen bij gebitsproblemen bij (oudere)paarden

Bij oudere paarden is er vaak extra zorg nodig voor het gebit. Je kunt paarden met gebitsproblemen niet altijd herkennen aan afwijkend eten. Bij subtiele gevallen kan het soms wel merkbaar zijn tijdens het werken met het bit in. Paarden weten zich vaak in de eerste instantie aan te passen aan hun ongemak. Op een gegeven moment kunnen ze door de pijn langzamer gaan kauwen, maar ook morsen en knoeien met voer en uiteindelijk proppen maken van het ruwvoer. In de mest kunnen lange vezels aanwezig zijn, maar ook hele granen van het krachtvoer, welke niet goed gemalen en verwerkt zijn door het lichaam. Bij ernstige gebitsproblemen zal het paard vermageren door een verminderde voeropname en een minder goede afbraak van het slecht gekauwde voedsel door de darmen. Bij vermagerende paarden moeten we naast eventuele gebitsproblemen ook rekening houden met:

  • andere mogelijke aandoeningen aan de orgaansystemen
  • tumoren
  • worminfecties e.d.
  • Daarnaast komen we bij oudere paarden ook nogal eens PPID (voorheen ziekte van Cushing) tegen, wat naast spierverlies een slechte wondgenezing geeft.

Lees meer over ouderdomsgebreken bij paarden

Terug naar overzicht

Problemen met snijtanden

Bij het kijken naar het gebit van een ouder paard, zien we gelijk de snijtanden. Afwijkingen hieraan kunnen onder andere bestaan uit missende tanden, te lang doorgegroeide tanden, afwijkingen in afslijting (een diagonale stand, smile of frown (omgekeerde smile), of veroorzaakt door bijvoorbeeld ‘stalondeugden‘ als kribbenbijten en luchtzuigen) en een afwijkende stand.

Bij het corrigeren van de snijtanden, moeten we rekening houden met de pulpaholte (deze bevat bloedvaten en zenuwvezels) in de tand. Dit betekent dat in sommige gevallen de volledige correctie over meerdere behandelingen gedurende een langere periode verspreid moet worden. Bij de snijtanden kunnen we ook diastasen (ruimte tussen de tanden) aantreffen, welke meestal minder problemen geven dan wanneer deze bij de kiezen aanwezig zijn. Een voordeel van diastasen aan de snijtanden is dat de eigenaar deze meestal zelf schoon kan houden. Een andere veel voorkomende aandoening bij het oudere paard is EOTRH (Equine Odontoclastic Tooth Resorption and Hypercementosis), welke ook tot pijnlijke en het verlies van tanden kan leiden.

Paard met een scheve beet (diagonale stand)

EOTRH small

Paard met EOTRH

Toelichting bij foto van paard met EOTRH: het slijmvlies rondom de tanden is ernstig ontstoken, bevat rode puntjes en is onregelmatig. Het tandvlees is ver teruggetrokken rondom de tanden, waardoor de tand teveel bloot ligt.

Terug naar overzicht

Problemen met ruinen-/hengstentanden

Aan de ruinen- en hengstentanden komen niet vaak afwijkingen voor. Wel kan er veel tandsteen op deze tanden aanwezig zijn, met name aan de onderkaak. Soms komt dit door de aandoening EOTRH, maar dit hoeft niet het geval te zijn. Het tandvlees rondom een ruinen-/hengstentand met tandsteen kan ontstoken zijn. Een eigenaar kan dit tandsteen zelf ook bij het paard verwijderen, door deze met bijvoorbeeld de nagel weg te krabben.

Kiesproblemen

Bij een ouder paard kunnen dezelfde kiesproblemen ontstaan als bij een jonger paard (schaar-, golf-, trapgebit, etc.). De vorm van de lange kroon is naar de wortel toe smaller. Wanneer bij een oud paard de kies verder uit de tandkas komt zetten, kunnen hierdoor ruimten, diastasen tussen de kiezen ontstaan. Diastasen kunnen ook aangeboren zijn en  door overdruk of een onjuiste afslijting van het gebit ontstaan. Voer kan in diastasen vast komen te zitten en zorgen voor periodontal disease (ook wel periodontitis of parodontitis), een proces wat uiteindelijk kan leiden tot het verlies van elementen. Doordat er steeds minder reservekroon in de tandkas blijft zitten, wordt de kies minder stabiel en is deze gevoeliger voor verplaatsingen in de tandkas.

Te lange, dominante kiezen, zullen in lengte terug gebracht moeten worden. Soms moet dit in meerdere behandelingen gebeuren wanneer de kies veel langer is dan de andere elementen. Wanneer bij ernstigere overgroei van kiezen het kauwvlak in één keer terug gebracht wordt naar het juiste niveau, kunnen pulpaholten open gelegd worden, wat kan leiden tot infecties van de kies.

Bij het afslijten van de kiezen wordt uiteindelijk het structuurrijke oppervlak van de kies gladder tot glad, waardoor deze niet meer goed zijn malende functie kan uitoefenen. Bij het behandelen van deze kiezen moeten we heel voorzichtig te werk gaan en zoveel mogelijk van het maaloppervlak zien te behouden. Het beetje reliëf wat er zit, kan van belang zijn voor een nog enigszins goede maalfunctie. Losse en pijnlijke kiezen met periodontitis zullen wel verwijderd moeten worden.

Lees meer over het trekken van kiezen bij het paard (kiesextracties) 

restant kiezen ouder paard (1) restant kiezen ouder paard II (2)

Toelichting foto’s hierboven: restanten van losse kiezen die verwijderd zijn uit de mond van een ouder paard.

 

Uiteindelijk zien we bij de echte ‘gladde monden’ dat aangepaste voeding wel nodig zal zijn. Deze paarden kunnen niet meer goed kun hooi of kuil malen en kunnen dan wel gehakseld hooi of luzerne gevoerd krijgen. Wel weten ze zich altijd nog goed te redden met gras. Daarnaast zijn er meerdere soorten senioren slobber op de markt, welke als aanvulling of als volledig voer gegeven kunnen worden.

 

 

Hoe vaak is een gebitscontrole bij een geriatrisch paard nodig?

Het is verstandig om het gebit van oudere paarden, of geriatrische gebitten, tweemaal per jaar te laten controleren op aantasting, ontstekingen en een onjuiste afslijting. Om het gebit zo functioneel mogelijk te houden is een tijdige herkenning van (aankomende) problemen nodig.

Terug naar overzicht

Gebitscontrole ouder paard (illustratie door Dymphie van den Bergh)

Auteur: Sanne Journée

Gerelateerde artikelen

Ouderdomsgebreken | Paardengebit | EOTRH | Periodontal disease (parodontitis) | Diastasen tussen kiezen van paarden | Tand- of kiesextracties, het trekken van tanden en kiezen bij het paard | PPID (voorheen ziekte van Cushing) | Artrose | Gewrichtsproblemen 

Mis geen veterinaire informatie meer!

Onze Business partners


Link naar deze pagina: https://www.paardenarts.nl/kennisbank/gebitsproblemen-bij-de-geriatrische-patient/