Logo Paardenartsnl

Paardenarts.nl

Peesblessures | Peesproblemen bij paarden

Peesblessures bij paarden Peesblessures zijn een zeer frequent voorkomend probleem bij (sport)paarden en pony’s. Er zijn vele risicofactoren bekend die kunnen bijdragen aan het ontstaan van peesblessures, waaronder conformatie (bouw en beenstand), beslag en voetbalans en het trainingsregime. Een toegenomen besef van het belang van een vroegtijdige diagnose, routinecontroles van sportpaarden en de hoogwaardige kwaliteit van moderne echoapparatuur hebben ertoe geleid dat peesblessures in een vroeger stadium kunnen worden vastgesteld. Een vroegtijdige diagnose leidt tot minder schade en, met de juiste behandeling, tot een beter herstel.

In dit artikel lees je meer over peesproblemen en peesblessures:

Wat zijn pezen?

Pezen zijn ’bandachtige’ structuren die de verbinding vormen tussen spieren en botten. De pees zelf kan niet korter of langer worden. De beweging wordt veroorzaakt door de spier waar ze aan vast zitten. Een pees bestaat uit peesvezels; in de lengterichting verlopende bundels van dichte bindweefselvezels. De bloedvoorziening in pezen is slecht in vergelijking met andere structuren in het lichaam. Door deze gebrekkige bloedvoorziening worden voedingsstoffen slechter aangevoerd en afvalstoffen slechter afgevoerd, waardoor herstel lang duurt.

Pezen komen in het hele lichaam voor. Dit artikel gaat over de pezen in het onderbeen, omdat daar de meeste peesblessures voorkomen.

Terug naar overzicht

Waar zitten de pezen?

Iedere pees in het paardenlichaam kan geblesseerd raken, maar de belangrijkste pezen waar regelmatig blessures aan optreden lopen aan de achterzijde van het pijpbeen. Dit zijn de oppervlakkige buiger (1.), de diepe buiger (2.), het check ligament (3.) en de interosseus (tussenpees) (4.), aan de achterzijde van het pijpbeen (5.).

Dwarsdoorsnede van een pees (schematisch)

1.) Oppervlakkige buiger, 2.) Diepe buiger, 3.) Check ligament, 4.) Interosseus (tussenpees), 5.) Pijpbeen

Lengtedoorsnede (schematisch)

lengtedoorsnede-pees-paard-illustratie-dymphie-van-den-bergh-2016-4

De oppervlakkige buiger (1.) loopt aan de achterzijde van het been, direct onder de huid. De diepe buiger (2.) loopt voor de oppervlakkige buiger langs, kruist met de oppervlakkige buiger en hecht aan op de onderzijde van het hoefbeen. Het check ligament (3.) begint aan de achterzijde van de voorknie en smelt samen met de diepe buiger ongeveer halverwege de pijp. De interosseus (4.) ligt tegen de achterzijde van het pijpbeen aan en splitst zich verder naar beneden in twee schenkels die aanhechten op de sesambeentjes (zie afbeeldingen). Verschillende sterke, korte annulaire ligamenten (ringbanden) helpen om de pezen op hun plaats te houden in gebieden met veel beweging, zoals gewrichten.

Echobeeld van check ligament:

Echobeeld van een blessure aan het check ligament. Sterk verdikt check ligament met verlies van vezelstructuur (pijltjes).

Echobeeld van een blessure aan het check ligament. Sterk verdikt check ligament met verlies van vezelstructuur (pijltjes).

 Terug naar overzicht

Hoe ontstaat een peesblessure?

Een peesblessure ontstaat vaak tijdens de training of het gek doen in de wei. Door acute overbelasting of overrekking ontstaat er een beschadiging in de pees. Ook trauma van buitenaf, bijvoorbeeld door een klap van een ander paard of aantikken door het andere been kan een oorzaak zijn. Chronische overbelasting kan ook tot peesblessures leiden; er treedt dan peesverval op, waarbij de pees steeds een beetje meer beschadigt. De ernst van de blessure kan variëren van een kleine vezelbeschadiging tot een totale ruptuur (scheur) van de pees. Meestal is een deel van de vezels beschadigd over een bepaalde lengte van de pees.

Terug naar overzicht

Verschijnselen van een peesblessure

Beschadiging van een pees veroorzaakt ontsteking, warmte en zwelling. Afhankelijk van de ernst van de blessure is het paard niet tot ernstig kreupel. Bij een peesblessure is de kreupelheid vaak redelijk snel weer over, meestal gaat het na één tot twee weken al een stuk beter. Het gevolg is dat veel eigenaren te snel weer gaan rijden, waardoor er een ernstigere blessure ontstaat.

Lees meer over:
–  Kreupelheid bij paarden
–  Blessurepreventie

Foto links: verdikte oppervlakkige buigpees halverwege de pijp Foto’s midden en rechts : foto's van een verdikte buigpees aan het voorbeen.

Foto links: verdikte oppervlakkige buigpees halverwege de pijp
Foto’s midden en rechts: verdikte buigpees aan het voorbeen.

Foto’s echobeelden (dwarsdoorsnede en lengtedoorsnede) van de oppervlakkige buigpees van het paard op de foto’s hiervoor ( midden en rechts). Duidelijke verdikking van de buitenkant van de pees met verlies van vezelstructuur. Oppervlakkige buigpees laesie.

Echobeelden (dwarsdoorsnede en lengtedoorsnede) van de oppervlakkige buigpees van het paard op de foto’s hiervoor ( midden en rechts). Duidelijke verdikking van de buitenkant van de pees met verlies van vezelstructuur. Oppervlakkige buigpees laesie.

Terug naar overzicht

Diagnose

Bij het vermoeden van een peesblessure is het verstandig om direct contact met je paardendierenarts op te nemen. Afhankelijk van de ernst en duur van de symptomen zal hij of zij besluiten wanneer het paard onderzocht moet worden. De dierenarts begint met een klinisch onderzoek; hoe kreupel is het paard? Is de pees warm, gezwollen en pijnlijk bij het afvoelen van het been? Door alleen te kijken en te voelen is het niet mogelijk de ernst en omvang van de beschadiging vast te stellen. Met behulp van een echo (peesscan) kunnen de verschillende pezen in beeld gebracht worden. Om de ernst, precieze plaats en prognose van de blessure vast te stellen is het erg belangrijk om een echo te laten maken. Omdat een blessure in de eerste periode nog groter kan worden doordat het lichaam de beschadigde cellen opruimt, is het belangrijk om de echo ongeveer zeven tot tien dagen na het ontstaan van de blessure te laten maken. Door het maken van de echo weet je wat het uitgangspunt van de blessure is en is het herstel met vervolgecho’s in beeld te brengen. Deze echo’s worden afhankelijk van de blessure elke vier tot twaalf weken door de dierenarts gemaakt, zodat hier het revalidatieschema op kan worden aangepast.

Lees meer over:
–  Blessurepreventie
–  Revalidatie bij paarden
–  Opsporen peesblessures met UTC (Ultrasound Tissue Characterisation)

Oppervlakkige buigpees (verschil tussen linker en rechter been is goed te zien):

Toelichting foto’s: Lengtedoorsnede. Op de beelden zie je links het linker been met de peeslaesie. Het vezelverloop is onderbroken en er is een zwarte (hypoechogene) plek te zien. Rechts is het rechterbeen wat een normaal vezelverloop heeft.

Lengtedoorsnede oppervlakkige buigpees. Op de beelden zie je links het linker been met de peeslaesie. Het vezelverloop is onderbroken en er is een zwarte (hypoechogene) plek te zien. Rechts is het rechterbeen met een normaler vezelverloop.

Toelichting foto’s: Dwarsdoorsnede oppervlakkige buigpees. Peeslaesie in linker oppervlakkige buigpees. Vezelverlies is te zien als als zwarte plek in de pees (zie pijl). Rechts het andere been zonder zwarte plek, wel is hier deze oppervlakkige buigpees te dik en heeft een wat te donker beeld op de echo (duidend op chronische tendinitis).

Dwarsdoorsnede oppervlakkige buigpees. Peeslaesie in linker oppervlakkige buigpees. Vezelverlies is te zien als zwarte plek in de pees (zie pijl). Rechts het andere been zonder zwarte plek, wel is deze oppervlakkige buigpees te dik en heeft een wat te donker beeld op de echo (duidend op chronische tendinitis).

Echobeelden ernstige diepe buigpees laesie achterbeen:

Dwarsdoorsnede diepe buigpees. Ernstige diepe buigpees laesie in het achterbeen net boven de kogel. Vrijwel geen peesvezels meer te zien in het midden van de pees.

Dwarsdoorsnede diepe buigpees. Ernstige diepe buigpees laesie in het achterbeen net boven de kogel. Vrijwel geen peesvezels meer te zien in het midden van de pees.

Zelfde beeld als vorige afbeelding. De afmetingen van de centrale laesie worden weergegeven (11 bij 9 mm)

Zelfde beeld als vorige afbeelding. De afmetingen van de centrale laesie worden weergegeven (11 bij 9 mm).

Lengtedoorsnede. Ernstige diepe buigpees laesie met vrijwel totaal verlies van de peesvezels.

Lengtedoorsnede. Ernstige diepe buigpees laesie met vrijwel totaal verlies van de peesvezels.

Terug naar overzicht

Behandeling

Als je vermoedt dat er sprake is van een peesblessure bij je paard dan is het belangrijk om contact op te nemen met een paardendierenarts. In de acute fase is er vaak ontstekingsremmende en pijnstillende therapie nodig. Daarnaast zijn koud afspuiten (minimaal 15 minuten per keer) en boxrust erg belangrijk. Na de acute fase is het afhankelijk van het type blessure wat het vervolgplan wordt. De beschadigde pees kan bijvoorbeeld  worden ingespoten om het herstel te bevorderen. Relatief nieuwe medicaties om pezen mee in te spuiten zijn PRP (platelet rich plasma) en/of stamcellen. Het doel is hiervan is de organisatie van het littekenweefsel te optimaliseren en op die manier de sterkst mogelijke genezing te krijgen.

Lees meer:
–  Rubriek Blessures & Revalidatie

Terug naar overzicht

PRP Injecties

PRP injectie in pees paard

PRP injectie in de pees

PRP is de afkorting van platelet-rich plasma, ofwel bloedplasma dat rijk is aan bloedplaatjes. Bloedplaatjes zijn één van de soorten cellen in het bloed. Zij spelen een belangrijke rol in de bloedstolling. Wanneer er schade is aan een bloedvatwand maken zij onderdeel uit van het bloedstolsel dat de bloeding stopt. Aangezien bloedplaatjes een hoog gehalte aan groeifactoren en andere eiwitten maken die herstel stimuleren komen deze op plekken in het lichaam terecht waar schade is.

Voor deze behandeling wordt bloed van het paard afgenomen en op een speciale manier bewerkt, waardoor de bloedplaatjes geconcentreerd worden. Wanneer het product klaar is wordt het onder echobegeleiding ingespoten zodat het exact op de beschadigde plaats in de band of pees terechtkomt. PRP bevordert het herstel van de pees. Uit onderzoek is gebleken dat hierdoor wordt de genezing van peesblessures versneld en de kwaliteit van het herstelweefsel verbeterd. Vaak is een eenmalige behandeling afdoende, maar dit wordt afgestemd op de individuele patiënt.

Onderstaand 2 korte video’s over het inspuiten van PRP

Toelichting video 1: Iris van Gulik van Dierenkliniek Hellendoorn-Nijverdal plaatst met behulp van de echo naaldjes op de juiste plaats in de peeslaesie. Op het echobeeld zie je het naaldje als een witte stip midden in de peeslaesie zitten. Hierna kan de PRP op de juiste plaats toegediend worden.

Toelichting video 2: Op dit filmpje zie je de peeslaesie (zwarte streep) die ingespoten wordt met de PRP.

Terug naar overzicht

Stamceltherapie

Bij stamceltherapie worden stamcellen uit het beenmerg of het vetweefsel gehaald, die na vermenigvuldigen in een laboratorium, in de blessure worden ingespoten. Stamcellen kunnen zich differentiëren in verschillende soorten cellen, waaronder peescellen. De resultaten van stamceltherapie lijken succesvol; nadeel is dat het kostbaar is. De afgelopen jaren zijn diverse nieuwe therapieën voorgesteld voor de behandeling van peesblessures en er zullen er ongetwijfeld de komende jaren nog velen volgen. Voor de meeste van deze behandelingen ontbreekt echter op dit moment  wetenschappelijk bewijs voor hun effectiviteit.

Terug naar overzicht

Shockwave

Shockwave is een humane behandelmethode die gebaseerd is op hoog energetische geluidgolven opgewekt door een elektromagnetische puls. Dit wordt bij paarden vooral toegepast op overgang van peesweefsel naar bot. Shockwave kan de pijn wegnemen, herstel bevorderen en doorbloeding stimuleren.

Terug naar overzicht

Lasertherapie

Op dit moment is de behandeling van peesblessures met laser in opkomst. Lasertherapie is erop gericht de genezing te versnellen, de kwaliteit en elasticiteit van het herstellende weefsel te verbeteren, ontstekingsreacties te verminderen en pijn te bestrijden. Lasertherapie is een behandelmethode die op zichzelf kan staan bij peesblessures of aanvullend gebruikt kan worden naast shockwave, PRP injecties of stamceltherapie.

Terug naar overzicht

Speciaal beslag

Vaak wordt speciaal beslag geadviseerd om de geblesseerde pees te ontlasten. Voor elke pees is dit een ander type beslag; het is dus erg belangrijk om door middel van een echo vast te stellen welke pees geblesseerd is en daar het beslag in samenspraak met de hoefsmid op aan te passen.

hoefijzer met brede tak voor paard paard met interosseustak probleem.

Hoefijzer met brede tak voor een paard paard met interosseustak probleem.

Aluminium hoefijzer met brede toon voor paard met oppervlakkige buiger probleem.

Aluminium hoefijzer met brede toon voor een paard met een oppervlakkige buigpees probleem.

Terug naar overzicht

Revalidatie (aquatherapie)

Afhankelijk van de ernst van de blessure en welke pees geblesseerd is wordt een bewegingsprotocol opgesteld. Meestal wordt er begonnen met een stapschema aan de hand. Gecontroleerde beweging op een vlakke ondergrond is erg belangrijk voor het zo optimaal mogelijk genezen en het zo sterk mogelijk maken van de geblesseerde pees. Geblesseerde paarden loslaten in de wei is meestal niet aan te raden; dit om piekbelasting te voorkomen.

De meeste peesblessures hebben minimaal drie maanden gecontroleerde beweging nodig en soms duurt de revalidatie meer dan een jaar. Het doel van de revalidatie is het bevorderen van de genezing en voorkomen dat het paard opnieuw geblesseerd raakt, door middel van een gecontroleerd trainingsschema. Hierbij zal het paard herhaaldelijk klinisch worden beoordeeld en het peesherstel met echo’s worden gecontroleerd voordat het trainingsniveau verder wordt opgebouwd.

Lees meer:
–  Blessurepreventie
–  Revalidatie bij paarden
–  Aquatraining bij paarden

Terug naar overzicht

Echobeelden revalidatieproces checkligament:

Echobeelden van het checkligament voor revalidatie. Links op de beelden de dwars- en lengtedoorsnede van het linkerbeen met een ernstig verdikt check ligament, met verlies van peesvezels (zwart op de echo). Rechts op de beelden het rechter normale been.

Echobeelden van het checkligament voor therapie (PRP) en revalidatie. Links op de beelden de dwars- en lengtedoorsnede van het linkerbeen met een ernstig verdikt check ligament, met verlies van peesvezels (zwart op de echo). Rechts op de beelden het rechter normale been.

Echobeelden van het checkligament na de revalidatie. Er is weer vezelstructuur te zien in de pees (de echo is minder zwart op de plaats van het checkligament).

Aquatherapie kan een goede aanvulling zijn bij de revalidatie van paarden met een peesblessure. Hierbij kan het paard bewegen zonder dat er teveel kracht op de pezen komt te staan. De bespiering en de conditie blijven op deze manier beter op peil. Het is erg belangrijk om de aquatherapie aan te passen aan de blessure van het paard; bij verkeerd gebruik kan dit namelijk ook averechts werken. Overleg daarom altijd met je dierenarts.

Na beschadiging herstelt een pees langzaam, omdat het peesweefsel weinig bloedvaten bevat. De pees herstelt met littekenweefsel dat nooit dezelfde sterke structuur als het peesweefsel krijgt. Het litteken is minder elastisch en zwakker, waardoor er meer spanning op de aanhechtende peesdelen komt. Dit verhoogt de kans dat je paard opnieuw geblesseerd raakt (meestal net naast het oude litteken).

Terug naar overzicht

Prognose bij peesblessures

De prognose is afhankelijk van de pees die beschadigd is, de ernst van de blessure, het gebruiksdoel en de leeftijd van het paard. Deze varieert van zeer goed, tot het noodzakelijk zijn van euthanasie.

Terug naar overzicht

Preventie

Heeft je paard ooit een peesblessure gehad dan is het risico op een nieuwe blessure groter, maar ook bij paarden die nog nooit een peesblessure hebben gehad voorkom je natuurlijk het liefst dat er een blessure ontstaat. Het is belangrijk om daarbij op de volgende punten te letten:

  • Rij op een bodem van goede kwaliteit. Diep zand, hobbels en kuilen zijn erg slecht voor pezen. Kom je op concours en vind je de bodem te slecht of te glad, start dan niet.
  • Zorg dat je paard regelmatig beweging krijgt.
  • Bouw de training van een jong paard of een paard dat niet getraind is rustig op. Pezen hebben lang nodig om zich aan te passen aan veranderende arbeid.
  • Laat de hoefsmid het paard regelmatig bekappen en beslaan. Bij te grote standsverandering door achterstallig hoefonderhoud heb je meer kans op blessures.
  • Voel dagelijks de benen van je paard af of er zwelling of warmte rond te pezen zit.

Terug naar overzicht

Auteur: Iris van Gulik

Afbeeldingen en video’s in dit artikel: Iris van Gulik (Dierenkliniek Hellendoorn-Nijverdal)

 

Gerelateerd

Spierbevangenheid (tying-up, maandagziekte) | Gewrichtsproblemen | Artrose | Spat | Schiefels | UTC (Ultrasound Tissue Characterisation)  | Blessurepreventie | Revalidatie | Aquatraining bij paardenFysiotherapie 

Lees ook meer in de rubriek

Rubriek Blessures en Revalidatie uitgelicht 3

Mis geen veterinaire informatie meer!

Onze Business partners


Link naar deze pagina: https://www.paardenarts.nl/kennisbank/peesblessures-peesproblemen-bij-paarden/